Het Apeldoornse Bosch
Sommige verhalen uit de oorlog blijven geschiedenis. Andere komen ineens dichterbij. Onlangs ben ik op het terrein geweest van Het Apeldoornsche Bosch in Apeldoorn, een plaats waar weinig meer herinnert aan de nacht waarin hier een complete gemeenschap verdween. Onlangs vond ik de oude televisiefilm Esther, voorgoed op reis terug. En daarmee kwam ook het verhaal van Het Apeldoornsche Bosch weer terug.
Een ziekenhuis in het bos
Het Apeldoornsche Bosch werd in 1909 geopend als Joodse psychiatrische inrichting. Op het uitgestrekte terrein stonden paviljoens waarin patiënten woonden en werden verzorgd. Artsen, verpleegkundigen en ander personeel werkten er dagelijks met mensen die vaak volledig van hun zorg afhankelijk waren. Op het terrein bevond zich ook Paedagogium Achisomog, een instelling voor Joodse kinderen en jongeren.
Het was een ziekenhuis en een leefgemeenschap. Tijdens de Duitse bezetting werd het voor sommigen ook een toevluchtsoord. Naarmate de vervolging van Joden in Nederland toenam, ontstond de hoop dat opname of werk in Het Apeldoornsche Bosch enige bescherming zou bieden tegen deportatie. Het bleek schijnveiligheid.
In 1942 werd het niet-Joodse personeel gedwongen de instelling te verlaten. Het contact met de buitenwereld werd steeds moeilijker en Het Apeldoornsche Bosch raakte meer en meer geïsoleerd. In januari 1943 werd duidelijk wat de Duitsers werkelijk van plan waren.
21 januari 1943
Op 19 januari kreeg SS-Hauptsturmführer Ferdinand aus der Fünten opdracht Het Apeldoornsche Bosch te ontruimen. Twee dagen later werd het terrein omsingeld. In de nacht van 21 op 22 januari 1943 begon de ontruiming. Het woord ontruiming klinkt bijna administratief, maar wat er werkelijk gebeurde was gewelddadig en chaotisch.
Psychiatrische patiënten werden uit hun bedden en paviljoens gehaald. Sommigen begrepen nauwelijks wat er met hen gebeurde. Ook ernstig zieken en mensen die niet zelfstandig konden lopen, moesten mee. Ze werden met vrachtwagens naar het station gebracht. Ook de kinderen van Achisomog werden weggevoerd. Daar stond een trein klaar.
Meer dan duizend patiënten en personeelsleden werden vanuit Apeldoorn rechtstreeks naar Auschwitz gedeporteerd. Vrijwel niemand keerde terug. In de dagen daarna werden nog honderden personeelsleden via Westerbork gedeporteerd. Het Apeldoornsche Bosch was leeg.
Blijven of vluchten
Tussen alle grote aantallen zit een menselijk dilemma dat nauwelijks voorstelbaar is. Een deel van het personeel had kunnen proberen te vluchten. Maar wat doe je wanneer je verpleegkundige bent en de mensen voor wie je zorgt niet kunnen vluchten? Laat je hen achter of blijf je bij hen?
Sommige personeelsleden kozen ervoor hun patiënten niet alleen te laten en gingen mee. Ze konden niet weten wat wij nu weten. Ze wisten niet precies wat hen aan het einde van de reis wachtte. Wij kennen de bestemming wel: Auschwitz.
Esther, voorgoed op reis
Dat dilemma staat centraal in de televisiefilm Esther, voorgoed op reis, die in 1975 werd uitgezonden. Esther is verpleegkundige in Het Apeldoornsche Bosch. Ze is jong, heeft een geliefde en een toekomst. Wanneer de inrichting wordt leeggehaald, moet ook zij kiezen. Ze kiest voor de mensen voor wie ze zorgt en gaat mee.
De film is geen documentaire. Esther staat voor de verpleegkundigen en verzorgers die in januari 1943 voor een vergelijkbare keuze kwamen te staan. Juist daardoor krijgt de geschiedenis een gezicht. Geen transportnummer of getal, maar een mens.
Ik ben er geweest
Ik ben later zelf naar Het Apeldoornsche Bosch gegaan. Op zo’n plek merk je hoe moeilijk het is om geschiedenis werkelijk voor te stellen. Je ziet bomen, hoort vogels en mensen lopen voorbij. Het gewone leven gaat verder. En toch weet je dat hier ooit patiënten wandelden, verpleegkundigen werkten en kinderen woonden. Mensen die waarschijnlijk ook dachten aan morgen, tot er voor hen geen morgen meer was.
Misschien bleef daarom, toen ik Esther, voorgoed op reis terugvond, vooral de titel bij me hangen: Voorgoed op reis. Een paar eenvoudige woorden voor een reis waarvan bijna niemand terugkeerde.
Het Apeldoornsche Bosch was geen vernietigingskamp. Het was een ziekenhuis. Misschien maakt juist dat deze geschiedenis zo beklemmend. Hier werden mensen verzorgd omdat ze kwetsbaar waren, en precies die mensen werden op een winternacht uit hun bedden gehaald en weggevoerd.
De plaats bestaat nog. De mensen zijn verdwenen. Hun verhaal niet.
Comments